Toerisme Vlaanderen zet vanaf 2018 3 jaar lang de 'Vlaamse Meesters' centraal.

Is er ook gefundeerde aandacht voor onze eetcultuur?

Het jaar 1977 staat bij de meeste Sinjoren in het geheugen gegrift voor twee gebeurtenissen: het onverwachte overlijden van Elvis Presley en het Rubensjaar. In 1977 stond Antwerpen een heel jaar in het teken van de vierhonderdste geboortedag van haar grootste historische icoon, kunstschilder en diplomaat Peter Paul Rubens. Een gans jaar lang werden er in de stad herdenkingen en evenementen georganiseerd. Het was al Rubens wat de klok sloeg: Rubenskaas, Rubenskoeken, Rubensbier, Rubensboeken, Rubensvlaaien, Rubensworst, Rubensmarkten … Zelfs de meest bewogen Rubensfanaat vond dat het genoeg was geweest. Ook dichter-koksbaas Bert De Bruyne had er zijn bedenkingen over. Hij kookte toen  in zijn knusse huiskamerrestaurant “De Gouden Ecu” volop echte, historisch verantwoorde, streekgebonden gerechten. Als ASG-adept miste hij bij dit Rubensgebeuren authenticiteit.

Dit zoeken naar authenticiteit op het vlak van “eten en drinken” is een oud zeer als we het toeristisch Marketingplan Vlaamse Meesters 2018-2020 doornemen waarbij Toerisme Vlaanderen een impulsprogramma uittekende rond Vlaamse Meesters waarbij de schilderkunst en het patrimonium van Rubens, Bruegel en de Vlaamse primitieven het uitgangspunt vormen. Hun namen spreken het meest tot de verbeelding in het buitenland en kunnen dus ook de meeste buitenlandse bezoekers aantrekken. Dit is zeker geen synoniem voor het aantrekken van duurbetaalde koks en het organiseren van “eetfestijnen”… Men moet ook kunnen aantonen dat Vlaanderen de bakermat is van heel wat Europese kunst en (eet)cultuur en dat er ook op dat vlak een verhaal is dat moet uitdragen worden!

Le vin d’Ay als 'Rubenswijn'

Vandaar Bert zijn buitengewone interesse voor een  passage uit een brief die Rubens op 17 augustus 1638 schreef aan zijn leerling Lucas Faid’herbe, die in de champagnestreek verbleef. Daaruit blijkt overduidelijk dat de meester tijdens zijn bezoek aldaar bijzonder had genoten van de “vin d’Ay” en dat de meegebrachte flessen opgedronken waren en hij met ongeduld wachtte op de bestelde…(cfr. “Lettres inédites de Pierre Paul Rubens” dat Emile Gachet in 1840 publiceerde).

Bovendien ontdekte Bert De Bruyne in 1991 op de  tentoonstelling te Antwerpen in het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten rond David Teniers II (ook David Teniers de Jonge genoemd) toevallig op een  klein schilderijtje “Het apenfeest” uit 1633. Het stelt de ijdelheid van de mens voor, waarbij één van de apen een fluitglas in de hand heeft met daarin rode wijn. Op de tent die in de achtergrond is afgebeeld, hangt een bord met het opschrift “bon vin d’Ay”.

Hierbij moet men weten dat David Teniers II een goede relatie met Peter Paul Rubens had. Zo was Peter Paul Rubens getuige toen hij in 1637 trouwde met Anna Brueghel, de zeventienjarige dochter van Jan Brueghel de Oude. Ook bij de geboorte van zijn eerste zoon, David Teniers III, in 1638, was Hélène Fourment, de tweede echtgenote van Rubens, zijn dooptante…

Maar wat is nu precies 'vin d’Ay'?   

Tot in de 17de eeuw waren de wijnen van Champagne niet de schitterende witte, mousserende wijnen zoals wij die nu kennen: het waren stille wijnen, vins tranquilles. Een wijn zonder belletjes. In die vervlogen eeuwen was het een lichtrode of roséwijn, soms een vin gris, een witte wijn met een rossige gloed, gemaakt vooral van Pinot Noir en Pinot Meunier. Al in de 9de eeuw werd een duidelijk onderscheid gemaakt tussen de vins de la Montagne, van de hellingen van de Montagne de Reims, en de vins de la Rivière, van de hellingen langs de oevers van de Marne. Hoe beter de wijn, des te specifieker de herkomstaanduiding. De beste wijnen van de Montagne kwamen van twee met name genoemde dorpen, te weten Bouzy en Verzenay. De beste van de Rivière waren die van Epernay, Ay en van de abdij van Hautvillers.

Zo’n stille lichtrode wijn is  tegenwoordig  heel zeldzaam in het champagnegebied, maar onze Bert vond die “Vin d’Ay” bij de firma “Champagne Hamm & Fils”, een klein en exclusief huis in Ay (nabij Epernay). Prompt legde hij contacten met de firma en sedert 1992 is voor onze Bert die wijn de “Bon Vin d’Ay – Rubenswijn” !

J.C. – Academie voor de Streekgebonden Gastronomie

  • Administratieve zetel ASG
    p/a Stadsarchief
    Rederijkersstraat 42
    3500 Hasselt (B)
    VZW Ondernemingsnummer 422.459.744

  • Administratieve zetel ASG stichting
    Maastricht
    Kamer van Koophandel (NL)
    Registernummer 51802139


  • ASG Secretariaat:
    E-mail: secretariaat [at] asg [dot] be

 

 Lid worden?


Voor onze leden zijn er tal van extra voordelen:

  • toegang tot het ledengedeelte van onze website

  • 4 maal per jaar ons magazine Terroir

  • mogelijkheid tot deelname aan tal van activiteiten

  • deelname aan ASG Algemene Ledendag

  • ....

 

Comments